Han de Kroon Horecavers

De Versspecialist met de grootste bezorgservice voor:
Horeca, Grootverbruikers, Catering, Bedrijfsrestaurants en Kinderdagverblijven

Sint jansuien

(20 april) SINT-JANSUIEN van Wim Bijma uit Osdorp: Met 'n stukje geschiedenis. De stad Utrecht rukt op naar het Koningsdal, waar de laatste tuinders proberen te overleven. Hun voorvaders zijn hier terecht gekomen nadat ze vanuit de Utrechtse Stadstuinen naar de oostkant van de stad verhuisden. Hier was nog ruimte en rust om de vele koudegrond groente te telen, die de inwoners van de stad nodig hadden. Als men achterom kijkt op de Koningsweg is de rust ver te zoeken, maar eenmaal op het erf van Kees Achterberg, proeft men toch nog de sfeer van het verleden. Kees staat al met zijn schop klaar om de uitjes uit te scheppen, tuinders doen deze teelt al ruim tweehonderd jaar en helaas is Kees de laatste. 
Hoe de ui in Utrecht terecht is gekomen, is nog altijd een raadsel. In de jaren zestig van de vorige eeuw ontdekte men, in de Franse Drome vallei, een uiensoort die genetisch overeen kwam met het Utrechtse uitje. Zouden de Hugenoten de ui naar ons land hebben meegesmokkeld ? De St.-Jansui is een bolgewas verwant aan bieslook, ui en knoflook. De smaak is een kruising van de gewone ui met de stengelui, een heerlijk combinatie. De St.-Jansui is winterhard, “25 ° vorst kan de ui makkelijk hebben”, maar dat zal zo snel niet meer gebeuren. De eerste groente die boven de grond kwam, was de St.-Jansui en in april al kunnen de eerste uitjes worden geoogst. “Mevrouw, uitje bij?” In de jaren vijftig en langer nog was het de gewoonte van de groenteman om in het voorjaar een uitje bij de verse sla toe te voegen In negen van de tien gevallen was dit het St.-Jansuitje, dat al vroeg in het seizoen leverbaar was. In de jaren zestig bracht Kees nog 900 kilo per week, van dit mooie streekproduct, naar de veiling, maar door de opkomst van uitjes uit de kas en import bosuitjes is de teelt zo goed als verdwenen.
Prins Bernhard liet elk jaar, bij de tuinder, een flinke hoeveelheid van de Utrechtse uitjes ophalen; hij at graag, het uienloof bij zijn ontbijt. De knoflookachtige smaak werd door hem zeer gewaardeerd. De uitjes zelf zijn zeer aangenaam in combinatie met een glaasje jenever, de geschiedenis vermeld alleen niet of dit ook een gewoonte van de Prins was! Naar alle waarschijnlijkheid gebruikte de Koninklijke kok de uitjes zelf door de salades, in wokschotels en als bijgerecht tijdens het gourmetten van de familie. De kok moest wel eerst de bruine velletjes verwijderen, die tijdens de vorst ontstaan waren, deze zijn niet echt voor consumptie geschikt. Dat de uitjes barstensvol vitamine C zitten, was mooi meegenomen.
De St.-Jansui behoud zijn blanke kleur en is ook zeer geschikt om in te maken. Op de feestdag van St. Jan (24 juni) worden de laatste uitjes geoogst, de dag van St. Jan valt vrijwel samen met de zonnewende, de langste dag, dit is ook de datum (21 juni) dat er geen asperges meer gestoken worden. De aspergeplant moet gedurende de zomer nieuwe krachten opdoen voor het volgende seizoen. Ook het St.–Jansuitje heeft een periode van rust nodig, de uitjes moeten gedroogd worden om half augustus weer in de grond gezet te worden. De plant heeft dan tijd genoeg om nieuwe stengels te vormen om voor het volgend seizoen nieuwe uitjes ‘aan te maken’. 
St.-Jansuitjes houden alleen van volle grond, in de kas kunnen ze niet geteeld worden, ze hebben de kou van buiten nodig om te overleven. De ui vermeerderd zich plantaardig en niet door middel van zaad. Op 24 juni de laatste uitjes uit de grond halen, het loof eraf halen, de uitjes scheuren en de wortels op 3 cm afsnijden. Gedurende een maand drogen en half augustus de uitjes in de volle grond op 8cm planten met een tussenruimte van 20 cm. 
Tijdens de vorstperiode zal het loof slap gaan hangen maar al in februari begint het groen 
het voorjaar aan te kondigen. Van ziektes of virussen heeft de St.-Jansui geen last, het is net als de tuinder: een echt ‘buitenmens’. In het najaar verdient de ui, voor al zijn werk, een beetje extra mest.
Verse Groente bij Horecavers
Han de Kroon Horecavers 2016